Asbestpaniek is niet nodig, maar spoedsanering wel

Hans Marijnissen – maart 2015

Hij noemt het 'een gedegen rapport over een ernstig probleem'. Maar ronduit geschrokken is Jan Tempelman van de omvang van het aantal locaties waarop oude asbestdaken kankerverwekkende vezels naar de bodem hebben gelekt. De TNO'er Tempelman, in Nederland dé autoriteit op asbestgebied, onderstreept dat paniek niet nodig is, maar spoedsanering wel.

Gisteren lekte via Trouw een rapport van de provincies Gelderland en Overijssel uit waarin wordt berekend dat op tweehonderdduizend locaties in Nederland de bodem rond agrarische bedrijven en fabrieken 'ernstig verontreinigd' is met asbest. In de helft van de gevallen is de vervuiling zo fors dat die een direct gevaar vormt voor de volksgezondheid. Deze locaties moeten met spoed worden gesaneerd. 

De grootschalige asbestverontreiniging wordt veroorzaakt door de erosie van oude asbestdaken die niet voorzien zijn van een goot. Door de weersinvloeden laten de kankerverwekkende asbestvezels los van de golfplaten, en die verdwijnen met het regenwater op en in de bodem. Rond de gebouwen met asbestdaken is de grond tot één meter van het pand en tot een diepte van tien centimeter vervuild.

Eerdere waarschuwing
Tempelman waarschuwde in 2007 al voor deze verontreiniging. In een rapport in opdracht van het toenmalig ministerie van Vrom (oa Milieu) stelde hij dat 'vrijwel alle asbestdaken en gevelplaten in Nederland matig tot ernstig zijn verweerd, en dat met het verstrijken der jaren deze erosie, en daarmee de verspreiding van asbestvezels, alleen maar zal toenemen.' Het ministerie van Vrom deed vervolgens niets met deze informatie.

Op basis van onderzoeken in Duitsland en Australië én eigen metingen van TNO, concludeerde Tempelman namelijk in dat jaar nog dat de 'actuele blootstellingsrisico's verwaarloosbaar zijn', en dat de vezels pas voor de mens gevaarlijk worden als deze op een inlooproute naar de woning, stal of auto onder de schoenzolen worden meegenomen naar een afgesloten ruimte. 

Maar toen was het rapport van de Gezondheidsraad nog niet verschenen dat in 2010 concludeerde dat asbest veel gevaarlijker is dan gedacht. Volgens de Raad overlijden er jaarlijks meer dan twee keer zoveel doden door asbest dan daarvoor werd aangenomen. Niet 700, maar 1600 burgers overlijden aan longvlieskanker, dat aantoonbaar door asbest wordt veroorzaakt. 

Daarop werden de normen voor asbest nog strenger, en moeten ook de redelijk voorzichtige conclusies van Tempelman uit 2007 worden herzien.

Hoe gevaarlijk is het?
Centrale vraag na het uitlekken van het rapport van de provincies Gelderland en Overijssel is, hoe gevaarlijk de 200.000 vervuilde bodemlocaties onder de asbestdaken voor de mens zijn. "Dat is een moeilijke vraag, maar wel goed te beantwoorden", zegt Tempelman. Als er een asbestvezel in de grond belandt, waar verder niemand loopt of wroet, is de kans op een asbestbesmetting nihil. "Ligt de verontreiniging op een looproute, dan is de situatie al een stuk gevaarlijker. Ook als de vezels op de grond de stal inwaaien. Maar waar je je aan vast moet houden zijn de door de overheid nieuw vastgestelde veiligheidsnormen. Die deugen. Het nieuwe onderzoek wijst uit dat 100.00 locaties vallen onder de norm 'ernstige verontreiniging', op nog eens 100.000 locaties is er sprake van 'onaanvaardbare risico's, buiten', en dat begrip betekent dat er binnen vier jaar opgeruimd moet worden."

In zo'n geval is er volgens Tempelman geen plaats voor een hernieuwde discussie over asbestgevaar in individuele gevallen. "De overschrijding van de norm betekent gewoon dat er met spoed moet worden gesaneerd." Staatssecretaris Mansveld (Milieu) maakte gisteren een verbod op asbestdaken bekend dat in 2024 ingaat. Over de vervuilde grond rept zij echter met geen woord.

·                     Het rapport dat in 2007 al waarschuwde tegen asbestverontreiniging Open pdf (41,5 kB)
·                     Het rapport van de Gezondheidsraad uit 2010 Open pdf (567,4 kB)

bron: www.trouw.nl

 

5 gedachten over “Asbestpaniek is niet nodig, maar spoedsanering wel”

  1. Graag normaal doen over asbest

    22-06-2016
     

    chrysotiel_294286208

    Er ontstaat vaak een soort paniekreactie bij de ontdekking van asbest in woningen of bedrijfspanden. Daarom is er behoefte aan een nuchtere aanpak met een goede afweging van kosten en baten van maatregelen.

    Dat stellen de ondertekenaars van het pamflet ‘Laten we eindelijk normaal doen over asbest’. Zij pleiten daarin voor een redelijk asbestbeleid.

    Kosten en baten van maatregelen afwegen

    Bij het horen van het woord ‘asbest’ schieten betrokkenen al snel in de stress. Dat maakt dat een goede afweging van de kosten en baten van eventueel te nemen maatregelen er deels of zelfs helemaal bij inschiet. Het komt zo regelmatig voor dat partijen vervolgens veel geld uitgeven aan een betrekkelijk klein risico. Daarom is een nuchtere aanpak gewenst. Sinds 1 maart 2016 is de gewijzigde Arbeidsomstandighedenregeling van kracht met aanpassingen op het terrein van asbest en asbestverwijdering.

    Wie hebben het pamflet opgesteld?

    Het pamflet is ondertekend door Ronald Leushuis, Bestuurder woningcorporatie Talis in Nijmegen, Ira Helsloot, Hoogleraar Besturen van Veiligheid, Radboud Universiteit in Nijmegen, Fred Woudenberg, Afdelingsmanager LO GGD in Amsterdam, Piet Bruinooge, Burgemeester gemeente Alkmaar, Henk Peter Kip, Directievoorzitter woningcorporatie Mitros in Utrecht en Berend van der Ploeg, Bestuurder Attent, Zorg & Behandeling in De Steeg.

    > Meer weten? Lees het pamflet ‘Laten we eindelijk normaal doen over asbest’.

    Gebaseerd op onderzoek naar risico’s asbest

    Het pamflet is gebaseerd op de feiten uit het onderzoek ‘Inzichten in de omgang met de risico’s van asbest.’ Crisislab heeft in opdracht van woningbouwcorporatie Talis onderzoek uitgevoerd naar de mogelijke vormgeving van redelijk asbestbeleid. Onder dat redelijke asbestbeleid verstaan we de omgang met asbest in woningen op zo’n manier dat de kosten en baten met elkaar in evenwicht zijn. Daarnaast moeten bewoners bij het beleid zijn betrokken.

    > Meer weten? Lees het rapport ‘Inzichten in de omgang met de risico’s van asbest’.

  2. GEEN PANIEK OM AANWEZIGHEID VAN ASBEST, MAAR EEN BEHEERSTE SITUATIE – COLUMN THEMA ASBEST IN VASTGOEDJOURNAAL

    Veel bedrijven die vastgoed in hun bezit hebben, hebben ongetwijfeld kasten vol staan met asbestinventarisatierapporten. Met wat geluk staan deze ook nog digitaal ergens op een server. Maar hoe maak je nu inzichtelijk welke risico’s er daadwerkelijk zijn voor personen die in de nabijheid van de asbesthoudende toepassingen te werk worden gesteld?

    In de meeste gevallen zullen opdrachtgevers hun eigen technisch personeel en de door hen ingehuurde (onder)aannemers inzage geven in de voorhanden zijnde inventarisatie rapporten. Dergelijke rapporten zijn echter enkel geschreven met als doel de aanwezige asbesthoudende toepassing te gaan verwijderen en niet om de huidige situatie te beheersen. Laat staan om de risico’s kenbaar te maken voor diegene die in de buurt van de asbesthoudende toepassingen te werk worden gesteld. Ook zijn dergelijke rapportages statisch en is het altijd maar de vraag of de beschreven situatie nog wel actueel is.

    Digitaal begheersplan
    Om de beheerste situatie op een heldere en duidelijke inzichtelijk te maken voor gebruikers van een bouwwerk (al dan niet in het kader van gebruikersactiviteiten of werkzaamheden aan het bouwwerk zelf) bied een digitaal beheersplan uitkomst. Per asbesthoudende bron worden de betreffende beheersmaatregelen weergegeven samen met de do’s en don’ts die gelden in de nabijheid van die betreffende bron. Dit kan per bouwwerk, per verdieping of per ruimte inzichtelijk worden gemaakt.

    Tevens is er de zekerheid dat de gegevens altijd actueel zijn doordat het beheersplan altijd wordt gevoed door de achterliggende database waarin alle wijzigingen worden bijgehouden. Het kan immers zo zijn dat een bron na het opstellen van het inventarisatierapport geheel of gedeeltelijk is gesaneerd of dat er beheersmaatregelen zijn toegepast waardoor de bron volledig uit het zicht verdwenen is. Het is dan wel van belang dat de gebruiker van de ruimte op de hoogte is van het feit dat zich achter een afscherming een asbesthoudende bron bevindt en de gebruiker er op gewezen wordt dat deze afscherming niet mag worden beschadigd, doorboord of anderszins mag worden aangetast.

    Delen van informatie
    Door de digitale aanwezigheid van de informatie en de garantie dat deze altijd actueel is, is ook het delen van deze informatie veel makkelijker. Een ieder die toegang dient te hebben tot deze informatie kan met één druk op de knop toegang krijgen tot alle informatie die voor hem of haar van belang is of van belang kan zijn.

    Ook kan op deze manier zelfs bewezen worden dat iemand op voorhand al dan niet kennis heeft genomen van de aan hem of haar beschikbaar gestelde informatie. Er zijn al voorbeelden van rechtszaken waarbij door het door aannemers geen rekening houden met op voorhand beschikbare kennis van asbesthoudende toepassingen, dit als bewijslast door de rechtbank is geaccepteerd. Er kon immers worden aangetoond dat de betreffende aannemer weldegelijk beschikking had en zelfs kennis had genomen van de aan hem ter beschikking gestelde informatie.

    Calamiteit
    Wanneer de situatie zich onverhoopt toch zou voordoen dat een asbesthoudende toepassing of afscherming daarvan wordt aangetast, is vanuit het digitale beheerssysteem ook direct helder wat de risico’s daarvan zijn en wat de noodzakelijke vervolgstappen behoren te zijn. Dit voorkomt onnodige paniek en onrust.

    Oesterbaai heeft reeds een digitaal beheerssysteem bij een grote verscheidenheid aan vastgoedeigenaren geïmplementeerd en daarmee al menig calamiteit voorkomen. Heeft u interesse of wilt u meer informatie? U kunt contact opnemen via T 010 208 84 44 of info@oesterbaai.nl.

    Column van Jasper Kosters, commercieel manager Oesterbaai, ook gepubliceerd op http://www.vastgoedjournaal.nl

  3. Asbest: geen paniek, u kunt zich beschermen

    We zijn ons er niet altijd van bewust, maar sommige gebouwen en technische uitrustingen om ons heen bevatten nog asbest. Het risico dat we worden blootgesteld aan deze gevaarlijke vezel bestaat dus vandaag nog altijd. Die risico’s zijn vaak gebonden aan activiteiten zoals de schoonmaak, de herstelling, de renovatie, de afbraak van gebouwen of asbesthoudende inrichtingen, de verwijdering van asbesthoudende materialen zonder voorzorgsmaatregelen te nemen en het storten van asbest. Het risico dat verbonden is aan de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal moet geval per geval worden beoordeeld.

    Aangezien het gevaar reëel is, kunnen we ons vragen stellen over de gevolgen van een eventuele blootstelling aan asbestvezels. Gelukkig zijn er verschillende maatregelen om het risico te beperken. Die zijn afhankelijk van de aard, de hoeveelheid, de plaats en de staat van het asbest dat zich in het gebouw bevindt.

    De onderstaande informatie is een algemeen overzicht van de gezondheidsproblemen die asbest kan inhouden. Deze informatie kan in geen geval de informatie van een medisch specialist vervangen.

    Wat zijn de risicosituaties?

    Na het verdwijnen van de asbestfabrieken zijn de frequentie, de duur en de niveaus van blootstelling van de werknemers aan asbest sterk verminderd.

    Voor sommige beroepen of tijdens bepaalde activiteiten blijft er echter nog een risico bestaan. Werknemers uit de bouwsector (renovatie, onderhoud en afbraak) kunnen worden beschouwd als de meest blootgestelde werknemers (slopers, verwarmingstechnici, dakbedekkers, liftenbouwers, …). Het koninklijk besluit van 16 maart 2006 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico’s van blootstelling aan asbest werd gepubliceerd onder meer om de risico’s voor deze beroepen te beperken.

    De bevolking wordt ook onrechtstreeks en onbewust aan asbest blootgesteld. Die blootstelling neemt sinds een aantal jaren toe, een direct gevolg van de natuurlijke afbraak van bepaalde asbesthoudende materialen die in de jaren ‘50-‘70 werden aangebracht (pro memorie: het gebruik van asbest is in België sinds 1998 verboden). Onervaren knutselaars die asbesthoudende materialen hanteren zonder de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen, vormen ook situaties waarin de betrokkenen (en derden) aan grote risico’s kunnen worden blootgesteld.

    De blootstellingsrisico’s zijn moeilijk evalueerbaar, zelfs opspoorbaar, rekening houdend met het grote aantal en de diversiteit van asbesthoudende materialen die nog aanwezig zijn in onze gebouwen (huizen, scholen, kantoorgebouwen, …) en technische uitrustingen (auto’s, elektriciteit, …). Het risico om een ziekte als gevolg van asbest op te lopen, is echter heel wat kleiner voor personen die passief aan asbest worden blootgesteld (bijvoorbeeld asbest in de werk/leefruimten of in de stadsomgeving).

    Wat zijn de risico’s en ziekten als gevolg van een blootstelling aan asbestvezels?

    Alle asbestvezels zijn schadelijk, hoewel asbestvezels van het type “crocidoliet” (ook “blauw asbest” genoemd) als het gevaarlijkst worden beschouwd.

    Asbestvezels zijn zeer fijn (tot 0,02 µm, d.i. 2 000 maal fijner dan een haar), maar relatief lang (tot 0,02 mm). Ze kunnen doordringen tot in de longblaasjes, er achterblijven en schade veroorzaken. De vezels zijn biopersistent en blijven dus in het organisme achter. Zo kunnen ze verschillende ziektes veroorzaken.

    Het asbesthoudend materiaal op zich houdt geen gevaar in. Asbest vormt immers pas een risico voor de gezondheid wanneer de vezels vrijkomen in de lucht.

    De effecten van asbest hangen af van verschillende factoren:

    het niveau of de intensiteit van de blootstelling (de concentratie van vezels in de lucht);
    de ingeademde hoeveelheid vezels;
    de blootstellingsduur;
    de frequentie van de blootstellingen;
    de grootte en het type van de ingeademde asbestvezels;
    de tijd die verstrijkt sinds de eerste blootstelling;
    de leeftijd
    Asbestziektes kunnen kankergebonden zijn, zoals mesothelioom of longkanker, maar niet noodzakelijk, zoals asbestose of fibrose van de longen :

    aandoeningen die geen kanker veroorzaken : het gaat uitzonderlijk om terugkerend borstvliesvocht, om de verharding van het borstvlies zonder noemenswaardige functionele gevolgen. Bij grote, vaak beroepsgebonden, stofgehaltes kan asbest een verstijving van het longweefsel veroorzaken (asbestose). Daardoor wordt de ademhalingsfunctie aangetast en kan in de ergste gevallen een dodelijke ademnood ontstaan.
    aandoeningen die kanker veroorzaken : het gaat om kankers die ofwel de borstholte rond de longen (mesotheliomen) kunnen bereiken, ofwel de binnenkant van de longholtes (bronchopulmonaire kankers). De andere kankers als gevolg van asbest zijn zeldzamer (strottenhoofd, hartzakje, buikvlies).
    De aandoeningen duiken meestal op na een lange latentieperiode tussen het begin van de blootstelling aan het asbest en het verschijnen van de symptomen of radiologische tekenen (20 tot 40 jaar is een termijn die vaak wordt vastgesteld).

    Bij een toevallige, accidentele blootstelling aan grote hoeveelheden asbest wordt aangeraden bij een longspecialist langs te gaan.

    Meestal heeft een lage blootstelling van korte duur geen noemenswaardige invloed op een verhoging van het risico op kanker.

    Conclusies

    Het woord “asbest” doet de meesten onder ons denken aan een groot gezondheidsrisico. Indien asbesthoudende materialen goed worden beheerd, houden ze echter geen of een zeer klein risico in. Asbest vormt immers pas een risico voor de gezondheid indien de vezels die in de materialen zitten, vrijkomen in de lucht en worden ingeademd.

    Het risico dat zich een ziekte ontwikkelt na inademing van asbestvezels neemt toe naarmate men meer vezels inademt, maar dit kan onmogelijk nauwkeurig worden bepaald.

    Telkens als asbesthoudend materiaal moet worden gehanteerd, moeten dus alle nodige voorzorgsmaatregelen worden getroffen om het vrijkomen van asbest zoveel mogelijk te beperken en zo alle eventuele risico’s voor de gezondheid te beperken.

  4. ONNODIG PANIEK EN HOGE KOSTEN BIJ ASBESTVONDST
    05-01-2013 16:51

    De vondst van asbest leidt vaak tot paniek. Die paniek is overbodig en asbestsanering kan veel goedkoper en toch effectief, aldus Sibbe Harmsma van Advies en Ingenieursbureau Arcadis. Als experts het probleem maar nuchter en reeel bekijken en tot een dito aanpak komen. Zolang asbest in gebonden toestand verkeert, is er geen gevaar. Dat ontstaat pas als asbest beschadigd raakt en de losse vezels zich in de lucht kunnen verspreiden (bijvoorbeeld bij sloop, verbouw, renovatie). Ook dan is er vooral gevaar wanneer hoge concentraties vezels vrijkomen en mensen daar ook aan worden blootgesteld. Er gaan enorme bedragen om in asbestsanering. Kijk je nuchter en professioneel naar asbestsaneringen, dan blijken die snelheid en hoge kosten lang niet altijd nodig.
    Vaak kan met gerichte veiligstellingen en maatregelen het (gezondheids)risico worden uitgeschakeld en kan de sanering op een later, beter passend moment – effectief en veel goedkoper – worden aangepakt en opgelost. Bijvoorbeeld door de sanering onderdeel te laten zijn van een toch al geplande of te plannen grotere operatie: tijdens onderhoud, sloop of renovaties. Verder zou de aanpak van de problematiek veel meer van een risicobenadering moeten uitgaan: waar de grootste risico’s zijn kunnen tijd en geld het meest doeltreffend worden ingezet. Voorbeeld hiervan is een onlangs in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu uitgevoerde maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA). Daarin staat dat een verbod op asbesthoudende daken en gevelpanelen tussen 1,1 en 2,1 miljard euro zou kosten en dat de gezondheidsbaten uiterst gering zullen zijn. Deze conclusie wordt gekoppeld aan de aanbeveling de prioriteit te leggen bij het saneren van objecten met een hoog risicoprofiel, plekken met een hoge kans op blootstelling aan aanzienlijke concentraties vezels. Bron: Cobouw, 11 december 12

  5. ‘Onnodig veel paniek bij vondst van asbest’

    Gepubliceerd: 02 juni 2016

    De vondst van asbest leidt vaak tot grote saneringsacties en emotionele reacties terwijl de risico’s voor mensen vaak minimaal zijn.
    Dat stelt onder meer de burgemeester van Alkmaar, twee topmannen van woningcorporaties Mitros en Talis en de Nijmeegse hoogleraar Besturen en Veiligheid Ira Helsloot in het pamflet Laten we eindelijk normaal doen over asbest, waar de Volkskrant over schrijft.

    De kosten en baten staan niet meer in verhouding vinden de ondertekenaars. Het inademen van de asbestvezels kan longkanker en asbestose veroorzaken. “Maar het meeste asbest is in gebouwen verwerkt op plaatsen die niet in verbinding staan met de lucht”, aldus Helsloot. “Zelfs als er wat materiaal loskomt en je zou het inademen, bijvoorbeeld na een brand ergens in de buurt, is het risico relatief klein.”

    De hoogleraar vergelijkt het met passief meeroken in een kroeg. “Het wordt pas gevaarlijk voor je gezondheid als je het dag in dag uit doet.”

    Vanaf 2024 zijn alle asbestdaken verboden in Nederland. Particulieren, bedrijven of overheidsinstellingen kunnen dan een dwangsom opleggen om de verwijdering af te dwingen. “Complete waanzin”, noemt Helsloot dat. Het verplicht verwijderen is volgens hem “schijnveiligheid”.

    Risico’s
    Staatssecretaris Sharon Dijksma van Infrastructuur en Milieu blijft echter achter het besluit staan. “Het is evident dat asbestdeeltjes schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid als je ermee in aanraking komt. De asbestregels zijn bedoeld om de risico’s voor blootstelling te verminderen.”

    Sinds 1994 mag er geen asbest meer gebruikt worden. Als het verbod ingaat in 2024 zijn de jongste asbestdaken dertig jaar oud. “Dan kunnen asbestdeeltjes vrijkomen door de invloed van weer en wind”, aldus Dijksma.

    Door: NU.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *