Ontslag wegens voortdurend weigeren mondkapje te dragen

Bron:Arbo-online.nl

Een werknemer weigert zich aan de mondkapjesplicht te houden. De werkgever vordert ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Hamvraag: is er sprake van verwijtbaar handelen van de werknemer?

Een 32-jarige man werkt sinds november 2015 als medewerker transportmiddelen bij een onderneming die vliegtuigen reinigt op Schiphol. De klanten zijn grote luchtvaartmaatschappijen die sinds de corona-uitbraak een strikte mondkapjesplicht hanteren in (nagenoeg) alle ruimten op de luchthaven en aan boord van vliegtuigen.

Lees ook:

Corona: dit mag een werkgever van zijn werknemer verlangen

Klachten van opdrachtgevers

De werkgever heeft in november 2020 alle werknemers geschreven dat tijdens het werk altijd een mondkapje moet worden gedragen. De werknemer weigert aan deze mondkapjesplicht te voldoen. Er wordt vaak met hem gesproken en gewaarschuwd dat zijn weigering gevolg kan hebben voor het dienstverband. Er zijn ook regelmatig klachten van de opdrachtgevers.

Loonbetaling stopgezet

Op 2 augustus 2021 is de maat vol. De werknemer wordt schriftelijk en gemotiveerd op non-actief gesteld en de loonbetaling gestopt. De werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter overweegt dat de werknemer als verweer stukken heeft ingediend. Die zijn niet alleen in het Engels, maar zo onsamenhangend dat de rechter deze met geen mogelijkheid begrijpt. Omdat de voertaal in deze procedure Nederlands is, laat de rechter ze buiten beschouwing.

Ook interessant:

Werkgevers vragen werknemers ook bij coronaklachten naar werk te komen

Is mondkapjesplicht redelijk voorschrift?

De werkgever mocht zijn werknemers verplichten een mondkapje te dragen

De werkgever is bevoegd om redelijke voorschriften te geven met betrekking tot het werk en de bevordering van de goede orde in de onderneming. En de werknemer is verplicht zich daaraan te houden (art.7:660 BW). De verplichting een mondkapje te dragen lag in de lijn met de op dat moment geldende richtlijnen van de luchthaven. Daarom mocht de werkgever zijn werknemers deze verplichting opleggen. Daar komt bij dat in een dergelijke werkomgeving meer dan gemiddeld strikte regels en protocollen gelden, waaraan iedereen zich moet houden.

De werknemer heeft herhaaldelijk geweigerd een mondkapje te dragen waardoor hij niet kon werken. Hij is door de werkgever in diverse gesprekken gewezen op het belang van de mondkapjesplicht. De werknemer zag kennelijk wel het belang in, omdat hij in één geval in plaats van met een mondkapje zijn mond en neus wel met een sjaal bedekte.

Meer jurisprudentie 

Verwijtbaar handelen, geen transitievergoeding

De kantonrechter oordeelt dat sprake is van verwijtbaar handelen en ontbindt de arbeidsovereenkomst per direct (art. 7:669 BW). Door meerdere malen niet te voldoen aan de niet alleen redelijke maar ook noodzakelijke verzoeken, is ook ernstig verwijtbaar gehandeld. Daardoor heeft de werknemer geen recht op een transitievergoeding (art. 7:673 lid 7 onder c BW).

Bron: Kantonrechter Haarlem, 5 november 2021, ECLI:NL:RBNHO:2021:10055

Mr. ing. R.O.B. Poort is jurist en veiligheidskundige

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.